Actueel

‘Onze economische opgave is een puzzel in de puzzel’

  • Actueel
  • ‘Onze economische opgave is een puzzel in de puzzel’
Datum: 21 november 2023

Binnen alles wat er in onze regio gebeurt, lijkt het soms alsof de ruimtelijke opgaven net wat meer aandacht krijgen. Voor de economische opgave blijft de aandacht wat achter. Of dat terecht is? Carol van Eert, burgemeester van de gemeente Rheden Bestuurlijk Opdrachtgever van de Groene Groeiregio, begrijpt de gedachte. “Het economische vraagstuk is hartstikke ingewikkeld”, zegt hij.

In de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen kennen we vijf duidelijke opgaven: Circulaire regio, Groene groeiregio, Ontspannen regio, Verbonden regio en Productieve regio. Elke opgave is even belangrijk. Toch lijkt de focus de laatste jaren te verschuiven. Want hoewel bij de start van bijvoorbeeld de verstedelijkingsstrategie als bouwstenen ‘economie’, ‘wonen’, ‘leefomgeving’ en ‘mobiliteit’ werden benoemd en die elementen ook terugkomen in de opgaven die we samen met het Rijk, de provincie, de andere regio’s en de Waterschappen oppakken, wint de vraag naar nieuwe woningen terrein. Wat geholpen wordt door speciale programma’s en de financiële middelen die het Rijk beschikbaar stelt. Toch zit de ‘Productieve regio’ niet stil, vertelt Carol van Eert. “In de afgelopen jaren is veel tijd gestoken in toerisme en recreatie en in bijvoorbeeld het thema circulaire economie. Vanuit de Economic Board zoomen we in op een aantal, voor onze regio relevantie bedrijfstaken. Denk aan food, health en technology. Of neem het Human Capital Akkoord, waarin we afspraken hebben vastgelegd om onze arbeidsmarkt te stimuleren.”

Economisch ging het afgelopen jaren ook voor de wind. Is daardoor de aandacht voor de economische opgave meer op de achtergrond geraakt?

“Dat was in de afgelopen jaren zeker het geval. Een aantal jaar geleden hadden we het Regionaal Programma Werklocaties. Daarin was berekend hoeveel hectare bedrijfsterrein, in ook welke categorieën, we nodig zouden hebben om onze economische groei ruimtelijk te faciliteren. De conclusie: we zaten eerder te ruim in ons jasje dan te krap. Meer ruimte voor bedrijvigheid hadden we in die periode echt niet nodig, terwijl de urgentie op wonen toen al groot was.”

Hoe staan we er nu voor?

“De urgentie op economie is er nu zeker ook. We hebben de opgave om – samen met de regio Foodvalley – 60.000 nieuwe woningen te bouwen. Bij het Regionaal Programma Werklocaties hadden we de regel: één huis, één baan. Dat zijn dus 60.000 nieuwe banen erbij. Dat betekent meer bedrijven en dus ook meer ruimte voor bedrijvigheid.”

Hoe krijgt die urgentie vorm?

“We hebben in onze verstedelijkingsstrategie afgesproken om het grootste gedeelte van de nieuwe vraag naar ruimte voor bedrijvigheid te realiseren binnen de huidige, beschikbare ruimte. Dus door revitalisering en herstructurering. Alleen gaan we het daarmee niet redden. Recent onderzoek heeft uitgewezen dat slechts 5 tot 10 procent van de nieuwe vraag op bestaande bedrijventerreinen te realiseren valt. Nog een probleem: voor deze herstructurering hebben gemeenten nooit gespaard en er is geen Rijksgeld voor.”

Waar bent u bang voor?

“De komende tijd krijgen we dus de substantiële vraag hoe we de economie in onze regio gaan bedienen. Ik ben bezorgd dat we bij onze verstedelijkingsopgave daar nog onvoldoende rekening mee hebben gehouden. Het is een dilemma. Want ook: de meeste economische functies kunnen niet op veel draagvlak van de samenleving rekenen. Niemand wil een grote bedrijfshal in de buurt van woningbouw. We hebben daarnaast mooie plannen voor natuur, leefbaarheid en klimaat. Hoeveel ruimte blijft er dan nog over voor economie? En dan heb ik het nog niet eens over de zonneparken en windmolens die we een plek moeten geven. Of de nieuwste ruimtelijke spelbreker: de netcongestie. We staan echt voor een fikse opgave.”

Eigenlijk zegt u: als we niet snel vaart maken, lopen we straks vast op de vraag ‘hoe gaan al die huishoudens straks hun geld verdienen’?

“Er zijn echt wel openingen. De transitie van de landbouw bijvoorbeeld. De gesprekken met boeren over andere vormen van ondernemerschap gaan zeker wat opleveren. Toch denk ik niet dat op deze locaties straks grote productiebedrijven staan, waar tientallen of zelfs honderden mensen werken. Het project rondom het rangeerterrein in Arnhem-Oost is ook een kans. Als we daar woningbouw plegen, hebben we misschien legitimatie voor economische activiteit elders. Ook is het een mooie gedachte om op nieuwbouwlocaties in te steken op de combinatie van wonen en werken. Maar die vlieger gaat niet op voor elk soort werk. Een koekjesfabriek zet je niet zomaar in een woonwijk.”

Toch even naar de realiteit van nu. We komen op dit moment toch juist arbeidskrachten tekort? Waarom zijn dan zoveel nieuwe werkplekken nodig?

“Dat klopt en ook dat is een interessant vraagstuk. Voor veel werk halen we arbeidskrachten uit Oost-Europa naar Nederland. Die moeten ook woonruimte hebben. Dus we bouwen ook voor mensen die alleen voor werk een tijdje hier zijn. Dat klinkt onlogisch en toch hebben we deze groep nodig, omdat dat werk er wel is. Ook al zien we niet graag die grote logistieke hallen in ons landschap, we hebben die bedrijven wel nodig voor onze welvaart. We willen toch dat de schappen van de supermarkt elke dag gevuld zijn? En dat onze online bestellingen snel worden thuisbezorgd? Toch is een legitieme vraag: voor wie maken we eigenlijk al die bedrijvigheid?”

Hoe gaan we hier uitkomen?

“Wat mij betreft moeten we eerst een fundamentele vraag beantwoorden: welke economie willen we zijn? Die vraag gaat voorbij aan de ruimtelijke vraag. Daar waar het voor wonen nog relatief simpel is om te bepalen voor welk soort huishoudens er gebouwd moet worden, ligt dat bij economie een stuk ingewikkelder. Er horen nog heel wat andere vragen bij. Misschien is dat ook wel de reden waarom we op dit moment nog geen duidelijke, ruimtelijke claim hebben. Omdat we nog niet precies weten hoeveel en welke ruimte we nodig hebben.”

Wat staat ons de komende tijd te doen?

“Allereerst die fundamentele vraag beantwoorden. Daarbij moeten we kijken naar wat past bij het imago van onze regio, onze identiteit, onze arbeidsmarkt. En ook bij de opleidingen die we hebben, zodat we meer pasafgestudeerden voor onze regio behouden. Het betekent ook dat we verder vooruit moeten denken: wat is de economie van vandaag, van morgen en die van overmorgen? En wat levert die aan neveneffecten op, zoals arbeidsmigratie? Vervolgens komt de vertaalslag naar welk type ruimte en hoeveel ruimte we voor onze economische activiteiten nodig hebben. Pas dan kunnen we de puzzel van de ruimtelijke opgave definitief leggen.”

Klinkt dit niet als een onmogelijke opgave? De ruimtelijke puzzel zijn we nu al volop aan het leggen, denk alleen al aan de woningbouwopgave…

“Op dit moment wordt gewerkt aan de herijking van het Regionaal Programma Werklocaties. Daaruit komt straks een deel van de antwoorden. Dit neemt niet weg dat we met elkaar steviger het ruimtelijk-economisch debat moeten voeren. Zo voorkomen we dat we de oplossing alleen in ruimte gaan zoeken, terwijl die ruimte er onvoldoende is. We moeten het juist in het functioneren van de economie zoeken. Het is een puzzel in de puzzel.”

Een puzzel in de puzzel?

"Uiteindelijk moeten we met de groene groei een puzzel leggen, waarin alle ruimtelijke vragen een plekje hebben. De economische puzzel ligt daar nog naast. Wil je het goed doen, moet je die puzzel eerst leggen. Om vervolgens de ruimtevraag weer op te nemen in die grotere puzzel. Onze economische opgave is echt ingewikkeld, misschien zelfs ingewikkelder dan de woon- of natuuropgave. Wat ik vooral wil zeggen, is dat we een slag dieper moeten. Alleen zo krijgen we legitimatie voor de extra banen die we straks echt nodig gaan hebben.”


Gerelateerd nieuws